Funderingsrapport per adres
Saenredamstraat 26-H
1072CH Amsterdam
Frans HalsbuurtOude PijpAmsterdam
Samenvatting
Wat dit rapport zegt over uw woning
Adres: Saenredamstraat 26‑H, 1072CH Amsterdam. Bouwjaar 1878, gelegen in een stedelijk, niet‑indeelbaar bodemgebied. Het risico wordt geclassificeerd als Hoog (score 45/100). De belangrijkste aanbeveling is een fase‑1 funderingsonderzoek om mogelijke paalrot en zetting te verifiëren.
Belangrijkste bevindingen
- Bouwjaar 1878 in een stedelijk, niet‑indeelbaar bodemgebied – houten paalfundering waarschijnlijk en gevoelig voor paalrot.
- Paalrot‑percentage 16,2 % en een dalende grondwatertrend van –7,95 mm/jaar verhogen het risico op funderingsverslechtering.
- Lokale meetbouten laten een maximale zakkingssnelheid van 3,5 mm/jaar zien – aanwijzing voor zetting in de directe omgeving.
- Geen KOOP‑cases binnen 100 m – zwak bewijs voor directe funderingsproblemen, maar indirecte signalen blijven aanwezig.
Pandprofiel
Het pand heeft een BAG‑pand‑ID 0363100012163137 en een oppervlakte van 63 m². Het wordt gebruikt als kantoor en telt vijf bouwlagen met een maximale dakhoogte van 16,86 m. Het maaiveld ligt 0,31 m boven NAP en het volume bedraagt circa 734 m³. Het footprint is 48,43 m². De AHN‑DTM toont een maaiveldhoogte van 0,48 m NAP, een verschil van 0,17 m ten opzichte van de 3DBAG‑hoogte, wat kan wijzen op lokale ophogingen of verbouwingen. Het bouwjaar 1878 valt in de periode vóór 1900, waarin houten paalfunderingen of houten kespen veel voorkomen, vooral in stedelijke gebieden met onduidelijke bodemclassificatie. Deze combinatie maakt de funderingstype‑keuze en mogelijke veroudering cruciaal voor de risico‑analyse.
Bodem en waterhuishouding
RVO classificeert het postcodegebied als ‘Stedelijk gebied – 80‑100 %’, wat betekent dat de bodem niet indeelbaar is. BRO‑BHR‑GT‑lithologie levert geen profielen binnen 500 m, waardoor de exacte bodemopbouw onbekend blijft. KEA‑waarden laten een paalrot‑percentage van 16,21 % zien (huidig en 2050), een bodemdaling‑rasterwaarde van 0,03 en een ophogings‑rasterwaarde van 0,185. Het GLG‑niveau is 2,663 m, met een verwachte daling van –0,075 m tegen 2050, wat duidt op een lichte daling van het grondwater. De GHG‑waarde is 2,394 m. Het signaalkaart‑niveau is 3 (zowel 2015 als 2018), wat een matig alarm voor bodemdaling aangeeft. De KEA‑extreme droogte‑zomer‑waarde is 2,633 m, met een daling van –0,031 m in de toekomst, wat extra droogstress kan veroorzaken.
Buurtcontext
Het pand bevindt zich in de Frans Halsbuurt, wijk Oude Pijp, gemeente Amsterdam. Het paalrot‑percentage in de buurt is 16,2 % (zowel huidig als 2050), wat aanzienlijk hoger is dan het landelijke gemiddelde. Het verschilzetting‑percentage voor 2050 is 0,68 % (laag) tot 0,70 % (hoog), wat wijst op een klein maar aanwezig risico op differentiële zetting. In de pc6‑cluster (1072CH) is 100 % van de panden vóór 1970 gebouwd, wat de kans op houten funderingen vergroot. Er zijn 60 naburige panden, met bouwjaren tussen 1876 en 1879, wat de historische context versterkt.
Klimaatuitlook 2050
Het GLG‑verschil tegen 2050 wordt geschat op -0,075 m, wat een lichte daling van het grondwaterniveau aangeeft. Het paalrot‑percentage blijft 16,21 % (zowel mild als sterk), wat duidt op een blijvend risico voor houten palen. Het verschilzetting‑percentage stijgt marginalt naar 0,70 % (hoog), wat een klein risico op differentiële zetting aangeeft. De KEA‑extreme droogte‑zomer‑waarde daalt met -0,031 m, wat extra droogstress kan veroorzaken. Zoutvracht‑bodemdaling is 0, wat geen extra risico toevoegt.
Monitoringgegevens
De dichtstbijzijnde BRO‑GMW (GMW000000033874) ligt op 14 m afstand en toont een maaiveldtrend van +1,33 mm/jaar over bijna 29 jaar. De dichtstbijzijnde BRO‑GLD (GLD000000098887) ligt op 120 m afstand, met 8.452 observaties tussen 1995 en 2020. De grondwaterstand varieerde tussen -1,11 en -0,08 m NAP, met een dalende trend van -7,95 mm/jaar. CPT‑metingen binnen 500 m bedragen 188, wat een goede dekking voor geotechnisch onderzoek aangeeft. Lokale Amsterdamse meetbouten tonen een maximale actuele zakkingssnelheid van 3,5 mm/jaar en een cumulatieve zakking van 46,6 mm, wat duidt op significante zetting in de directe omgeving.
Vergunningsignalen
Er zijn geen KOOP‑cases binnen een straal van 100 m rondom het pand. Het KOOP‑cluster toont 0 negatieve, 0 gemengde, 0 neutrale en 0 positieve signalen, en er zijn geen blok‑niveau funderingsherstelprojecten, geen geweigerde of ingetrokken aanvragen, en geen patronen van terugkerende dossiers. Deze afwezigheid van vergunningen betekent dat er geen direct bewijs is voor funderingsproblemen op straat‑ of blokniveau, maar het ontbreken van data kan ook te wijten zijn aan onvolledige publicatie.
Risicodrivers
- Bouwjaar 1878 duidt op een houten paalfundering, een type dat gevoelig is voor paalrot bij dalende grondwaterstanden.
- Het postcodegebied (1072CH) bestaat volledig uit panden gebouwd vóór 1970, waardoor het risico op verouderde funderingen verhoogd is.
- Paalrot‑percentage is 16,2 % (zowel huidig als 2050), wat een duidelijk signaal is voor mogelijke aantasting van houten palen.
- Lokale meetbouten tonen een maximale actuele zakkingssnelheid van 3,5 mm/jaar en een cumulatieve zakking van 46,6 mm, wat duidt op aanzienlijke zetting in de omgeving.
- Geen KOOP‑cases binnen 100 m; indirect bewijs voor funderingsproblemen op straat‑ of blokniveau ontbreekt.
- BRO‑GMW‑trend van +1,33 mm/jaar wijst op een lichte stijging van het maaiveld, maar de GLD‑trend van –7,95 mm/jaar duidt op een dalende grondwaterstand die paalrot kan bevorderen.
Beschermende factoren
- Geen directe vergunningen of funderingsherstelcases op of zeer dicht bij het pand.
- Beschikbare CPT‑data (188 metingen binnen 500 m) geven een goede basis voor later geotechnisch onderzoek.
- De grondwaterstand blijft nog boven –1 m NAP, waardoor houten paalkoppen niet volledig droogvallen.
Risico-uitleg
Het bouwjaar 1878 plaatst het pand in een periode waarin houten paalfunderingen veel voorkwamen. In een stedelijk, niet‑indeelbaar bodemgebied is de exacte bodemopbouw onbekend, waardoor de kans op een houten fundering groter is. Het paalrot‑percentage van 16,2 % is significant en wijst op een verhoogde kans op aantasting van houten paalkoppen, vooral gezien de dalende grondwatertrend van -7,95 mm/jaar. Lokale meetbouten laten een maximale zakkingssnelheid van 3,5 mm/jaar zien, wat duidt op zetting in de omgeving. Hoewel er geen KOOP‑cases of directe vergunningen zijn, versterken de combinatie van ouderdom, paalrot‑percentage en zettingsmetingen de beoordeling tot een hoog risico. Beschermende factoren, zoals het ontbreken van directe funderingsherstelcases en een nog relatief hoge grondwaterstand, dempen het risico enigszins, maar niet voldoende om de score te verlagen.
Aanbevolen vervolgstappen
Gezien het hoge risico adviseren wij de volgende stappen:
• Laat een fase‑1 funderingsonderzoek uitvoeren door een KCAF‑erkend of F3O‑ervaren bureau (indicatief €3.000‑4.500). Dit onderzoek omvat archiefonderzoek, historische meetgegevens, grondwaterstandanalyse, grondonderzoek (CPT‑sondes) en een visuele casco‑inspectie.
• Voer een waterpassing uit op zowel het maaiveld als de vloer om eventuele zetting nauwkeurig te kwantificeren.
• Bespreek met de buren of zij vergelijkbare funderingsproblemen ervaren; gezamenlijke data kunnen de analyse versterken.
• Houd de lokale meetbouten in de gaten en overweeg periodieke controle van zettingscijfers.
• Overweeg, indien nodig, een fase‑2 onderzoek (diepgaand geotechnisch onderzoek) bij bevestiging van funderingsproblemen.
• Maak gebruik van mogelijke gemeentelijke regelingen, zoals funderingsleningen via het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting.
Beperkingen en kanttekeningen
Dit rapport is gebaseerd op openbare data en bevat geen directe inspectie van het pand. KEA‑waarden zijn buurt‑gemiddelden en geven geen garantie voor het individuele pand. KOOP‑data kunnen onvolledig zijn; afwezigheid van cases betekent niet dat er geen funderingsproblemen bestaan. AHN‑mutaties duiden niet automatisch op schade. Een fase‑1 onderzoek is noodzakelijk om de onzekerheden op te lossen en een definitieve risico‑beoordeling te maken.
Wilt u uw eigen funderingsrapport?
Voer uw adres in en ontvang binnen 2 minuten een rapport per e-mail — gebaseerd op dezelfde Nederlandse openbare bronnen.
Vraag uw rapport aan